Puberteit-kenmerken bij jongens

Puberteit-kenmerken bij jongens 2016-10-21T07:25:15+00:00

Bij jongens

Secundaire geslachtskenmerken bij de man
De tannerstadia bij jongens.

Het eerste teken van de puberteit bij jongens is vaak het groter worden van de zaadballen. De lengte wordt groter dan 2,5 cm (de bijbal niet meegerekend), dit komt overeen met een volume van ongeveer 4 mL. De groei is voornamelijk te wijten aan de ontwikkeling van de zaadbuisjes. Dit gebeurt onder invloed van FSH. Een klein deel van de groei ontstaat door toename van Leydigcellen, onder invloed van LH. De huid van het scrotum wordt ook dunner en meer gepigmenteerd. Groei van de penis volgt pas na het groter worden van de testikels. In tannerstadium 3 vindt lengtegroei van de penis plaats. In het vierde stadium groeit de penis verder in de lengte en wordt ook dikker. De zaadballen nemen ook toe in volume. Vervolgens bereiken de zaadballen een volwassen volume (12-25 mL) en de penis een volwassen grootte (12-17 cm in lengte, 10-13 cm in omtrek)

De groei van schaamhaar ontstaat door zowel adrenerge als testiculaire afscheiding van androgenen. Dit wordt apart gestadiëerd van de ontwikkeling van de geslachtsorganen. De ontwikkeling van schaamhaar begint meestal met donzig, ongepigmenteerd haar bij de basis van de penis. Het haar wordt hierna dikker en wordt donkerder. Het breidt zich uit in een driehoekige vorm. Uiteindelijk groeit het schaamhaar door naar de binnenkant van de benen en bij de meeste mannen door tot op de buik (meestal tot aan de navel).

Ook op andere plaatsen op het lichaam vindt haargroei plaats onder invloed van androgenen. Dit is meestal op het gezicht (baardgroei), oksels, benen. Bij sommige mannen vindt ook prominente haargroei op de borst, rug en billen.

Op ongeveer 13-jarige leeftijd vindt de spermarche plaats. Op deze leeftijd zijn dan spermacellen te vinden in de ochtendurine. Dit komt meestal overeen met een tannerstadium van 3/4 van de genitaliën en 2-4 van schaamhaar. Aanwezigheid van spermacellen in de urine (spermaturie) komt met name in de vroege puberteit voor. In de latere fasen van de puberteit begint het optreden van ejaculaties. Orgasmes zijn hiervoor wel mogelijk, maar leiden niet tot ejaculatie. In deze fase is het optreden van een ejaculatie nodig om spermacellen in de urine te kunnen vinden. In het begin zijn de spermacellen meestal niet beweeglijk en blijven kort in leven. Ze zijn dus nog niet in staat om een eicel te kunnen bevruchten. Na een aantal maanden treedt er rijping op van de zaadcellen waardoor deze wel in staat zijn om een eicel te kunnen bevruchten.

Een verandering die samengaat met een toegenomen productie van testosteron is de toename van het groeihormoon. Samen zorgen deze hormonen voor toename van de lichaamslengte. Prepubertaal bedraagt deze 4-6 cm per jaar en in de puberteit neemt dit toe tot wel 10-15 cm per jaar. Deze groei vindt plaats gedurende ongeveer 4 jaar. De groei stopt uiteindelijk door het sluiten van de groeischijven onder invloed van oestrogenen.

Andere veranderingen die optreden onder invloed van testosteron zijn:

Groei van de prostaat, zaadblaasjes en bijbal.
Vergroting van de larynx en dikker worden van de stembanden, met als gevolg het zwaarder worden van de stem.
Toegenomen spiermassa (onder invloed van testosteron) en toegenomen hematocriet
Verhoogd libido

Psychische veranderingen

Tijdens de puberteit ontstaat progressieve individualisatie en onafhankelijkheid van het gezin. In deze periode wordt de identiteit ontwikkeld, een carrière gekozen en individuele krachten en zwaktes bepaald. De ontwikkeling wordt vaak in drie fases verdeeld. De vroege puberteit is van ongeveer 10-13 jaar. Het midden van de puberteit is ongeveer 14-16. De late puberteit is ongeveer vanaf 17 jaar.
Vroege puberteit

De vroege puberteit wordt gekenmerkt door snelle groei en ontwikkeling van secundaire geslachtskenmerken. Het beeld van het eigen lichaam en zelfvertrouwen fluctueren heel erg. Verschillen in groei met vrienden kunnen groot zijn, zoals jongens die nog klein zijn en meisjes met nog geen borstontwikkeling of menarche. Er is ook een nieuwsgierigheid naar seksualiteit, maar jonge pubers voelen zich op hun gemak bij mensen van hetzelfde geslacht. Vriendschappen worden steeds belangrijker. In deze periode is het denken nog concreet en de gevolgen van hun handelingen en de toekomst kunnen niet makkelijk worden ingeschat. Plannen voor de toekomst zijn nog vaag en onrealistisch zoals een filmster of een grote popzanger worden.
Midden van puberteit

In deze periode neemt de snelheid van de lichamelijk groei af. Pubers voelen zich meer op hun gemak met hun lichaam. Er komen intense emoties voor en er zijn veel stemmingswisselingen. Sommige tieners kunnen relatief makkelijk door deze periode heen komen, terwijl anderen hier meer moeite mee hebben.

Op cognitief gebied begint de overgang van concreet naar abstract denken. Hiermee gaan gevoelens van onoverwinnelijkheid en grootheid mee gepaard. Er wordt gedacht dat de wereld veranderd kan worden door er slechts over te denken. Seksueel actieve tieners denken dat ze geen anticonceptie nodig hebben, omdat ze “toch niet zwanger kunnen raken”. Met het begin van abstract denken beginnen tieners zich te zien zoals anderen hen zien. Hierdoor worden ze egocentrisch. Er wordt vaak geëxperimenteerd met het uiterlijk.

De seksualiteit neemt ook toe en er kunnen relaties ontstaan. Er wordt een begin gemaakt met experimenteren met seks. De relaties zijn vaak eenzijdig en narcistisch.

De standaard voor identificatie, gedrag, activiteiten, kleding, emotionele ondersteuning en medeleven wordt bepaald door de vriendengroep. Er vindt ook een toenemende worsteling plaats om onafhankelijkheid en autonomie. Dit is vaak een stressvolle tijd voor zowel de tieners als hun ouders.

Clef two-factor authentication